06 - 57 17 46 57

Paul en Annemarie Leguijt, leden van De Fontein, deden van 9 tot 17 februari vrijwilligerswerk in het vluchtelingenkamp Kara Tepe op het Griekse eiland Lesbos. Ze waren er met een team via de organisatie Because We Carry. Op deze website deel 1 van hun verslag: de eerste paar dagen. 

 ———————————————————————–

Hulp bieden in een hopeloze situatie

Met ongeveer 12 bewoners zijn we maandagochtend om 07.30 uur, onder het twijfelachtige genot van een stevig beatmuziekje, begonnen met het inpakken van de ontbijten voor de 1200 vluchtelingen: een zakje croissants en een banaan per persoon.

Daarna krijgen we allemaal een wijk uit het kamp toegewezen waarvoor we de hele week verantwoordelijk zijn. Zo kunnen we de mensen ook een beetje leren kennen. We krijgen twee bewoners uit het kamp mee die er een sport van maken om met de bolderkarren vol eten zo snel mogelijk de klus in de wijk te klaren.

We kloppen aan bij de deur van elke iso-cabin: een container van 6 x 3 meter met één raam, waarin soms 10 mensen wonen. Het is vaak met niet meer ingericht dan wat kleden op de grond, soms één bed of een klein meubeltje.

Amandelen

Wij (de Nederlandse vrijwilligers) houden de lijst bij en delen voor de zwangere vrouwen als extraatje ook 10 amandelen uit. Hoewel er hier natuurlijk ook wonderen kunnen gebeuren, laat ik de hand van de man die ook graag 10 amandelen wil en zegt: ‘I’m also pregnant’, toch maar leeg… We kunnen er gelukkig allebei om lachen.

Na afloop drinken we met elkaar thee en koffie en worden de taken voor de rest van de ochtend verdeeld: helpen bij het theehuis, de fietsenmaker, sportactiviteit, beautysalon of barbershop.

Wat opvalt in het kamp is de goede sfeer en de vele jonge kinderen. We zijn vooral nodig om de onpartijdige rol te vervullen tussen de verschillende bevolkingsgroepen. Want daar kan het snel misgaan in deze situatie waarin mensen dicht op elkaar leven en een scherp oog hebben voor gelijke behandeling.

Voor ons misschien in eerste instantie lachwekkend of onvoorstelbaar, maar als je ziet hoe weinig voedsel een gezin krijgt en in wat een hopeloze situatie mensen zitten, is het zo begrijpelijk dat mensen daarop reageren.

Reddingsvesten

In de middag rijden we naar de Lifejacket Graveyard, een bizarre plek waar duizenden reddingsvesten, kapotte rubberboten en banden liggen die gebruikt zijn voor de oversteek van Turkije naar Griekenland. Als je bedenkt dat elk vest een mensenleven vertegenwoordigt, maakt het enorm veel indruk.

Ook wanneer mensen de tocht hebben overleefd, heeft het hun leven op z’n kop gezet. Ongelooflijk wat oorlog voor enorme gevolgen heeft in mensenlevens. Twee Irakese zussen van 17 en 18 jaar, die 10 maanden geleden hier met zo’n boot zijn gekomen, zijn voor eerst mee naar deze plek. Dat maakt het bezoek nog indrukwekkender.

Voorzichtig lachje

Dinsdag maken we een prachtige workflow van het inpakken van het ontbijt: natuurlijk weer de bananen, vers stokbrood maar ook een zak met een enorme ui en een tomaat, kaas en platte peterselie.

Een wonderlijke combinatie misschien, maar alles is hier welkom want het zijn echt geen overdadige pakketten, zeker niet voor gezinnen met wat grotere kinderen. We rijden met de bolderkarren weer de wijk in, en zowaar krijgen we nu af en toe een voorzichtig lachje wanneer er een deur van een cabin open gaat. 

‘s Middags worden de taken weer verdeeld: Paul en Anne beginnen, ondanks de stromende regen, samen met wat kampbewoners met het maken van de fundering voor de fietsenstalling, die dankzij jullie giften als extra project gefinancierd wordt.

Martin en Freddy gaan mee naar de barbershop in kamp Moria, waar ze de afspraken voor de kapper in goede banen moeten leiden en merken hoe de situatie in dat kamp ‘op scherp’ staat. 

Met vier vrouwen gaan wij naar de loods van Because We Carry om daar 175 kraampakketten te maken voor vrouwen die net bevallen zijn op Samos. We horen dat de situatie op dit eiland nog schrijnender is en dat daar nog weinig hulporganisaties werkzaam zijn.

Ook komen daar veel vrouwen aan die op hun vlucht verkracht zijn en dan op Samos gaan bevallen. Wat een start als je in zo’n situatie geboren wordt!  

Flink doorwerken

De regen komt op woensdagochtend met bakken uit de lucht. We zijn met een kleine groep dus moeten flink doorwerken om de aardappels, aubergines, stokbrood, kaas en bananen zo droog mogelijk bij de bewoners van het kamp te krijgen.

Daarna verdelen we weer de taken en zitten elk bij een activiteit die die ochtend wordt georganiseerd. Het is rustig in het kamp want iedereen blijft zoveel mogelijk in zijn woonunit omdat het zo koud en nat is.   

Omdat we donderdagavond met alle vrijwilligers uit het kamp (zo’n 60 personen) met elkaar gaan eten en het dan ook Valentijnsdag is, gaan we vanmiddag wat leuke dingen in elkaar knutselen om tijdens die avond te gebruiken. Vanavond staat de ladiesnight op het programma; een wekelijkse avond waarop zo’n tweehonderd vrouwen schijnen af te komen.

‘Privileged people’

Tot zover onze belevenissen tot nu toe. Later zullen we nog meer ervaringen delen.
Tussendoor hebben we ook zo onze eigen ongemakken van stroom die uitvalt waardoor onze avondmaaltijd niet gaar wordt en we in slaapzakken de avond doorbrengen, regen die ook in het teamhuis naar binnenloopt of kleding die niet droog te krijgen is.

Maar we blijven ons ‘the privileged people’ voelen in vergelijking met de vluchtelingen die iets verderop toch echt op een andere manier hun leven zo goed en zo kwaad mogelijk proberen in te vullen.

Duizenden reddingsvesten op de zogeheten Lifejacket Graveyard.

Tijdens het rondbrengen van de ontbijten op bolderkarren leren de vrijwilligers bewoners kennen.

Enkele vrijwilligers in het Griekse kamp Kara Tepe, onder wie Annemarie Leguijt (links).

X